|  | |  | Projecten in Oekraïne
Oekraïne is politiek gezien nog altijd een instabiel land. In ons werkgebied, de Unterkarpaten, het Hongaarssprekende deel van Oekraïne, heeft dit weliswaar nog niet direct tot grote politieke spanningen geleid, maar meer tot een algemeen wantrouwen tegen alles wat overheid is. Van positief overheidsbeleid om de levensstandaard te verhogen of de gezondheidszorg, ouderenzorg of infrastructuur te verbeteren, is weinig te merken. Negatief ervaren worden maatregelen zoals de beperking van de vrijheid van Hongaarse scholen, door te verplichten dat het onderwijs straks volledig in de Oekraïense taal moet worden gegeven. In 2007 en in de eerste helft van 2008 leek de economie van Oekraïne wat op te leven. Die ontwikkeling vertaalde zich in de Unterkarpaten in een daling van de werkloosheid tot circa 50%. De wereldwijde financiële crisis heeft daar een einde aan gemaakt en de gevolgen ervan komen voor Oekraïne dubbelhard aan. Het land stevent af op een volledig bankroet. Daarom wordt het opnemen van banktegoeden af en toe behoorlijk ingeperkt. De inflatie bereikte in 2008 een percentage van 25%. De kosten voor levensonderhoud zijn niet gedaald. Daardoor neemt de armoede weer heel snel toe. Tijdens reizen naar en in Oekraïne, maar zeker ook in Nederland worden veel contacten gelegd en onderhouden. Met werkgroepen, met andere hulpverleners, met (potentiële) sponsors, met gemeenten die een graag een gemeentecontact willen. Waardevolle contacten, al dan niet gestructureerd zoals dat in de RMCC (Roma Mission Centre Csonkapapi) met de vrienden van Csonkapapi. We kregen bezoek van Amerikaanse vrienden die even in Nederland waren en het werk in Oekraïne gezien hadden. Hun reactie op het werk deed ons zeer goed: ‘It is a good feeling meeting someone who is looking at the many needs of the Roma in the Ukraine with a business perspective as well as a faithful servant of Jesus.’ We zijn dankbaar dat we als Stichting HOE ook in 2008 onze bijdrage aan de hulpverlening in Oekraïne weer mochten leveren. Tegen de achtergrond van de grote nood niet meer dan ‘een beker koud water’. Maar elk kind, elk mens dat op deze manier iets mag ervaren van de liefde van Christus is er één! |

| |
|
|  | |  | |
|